Materialen
Dichtomatik past elastomeren, canvas, thermoplastische
elastomeren TPE's, thermoplasten en hardweefsel toe als afdichtingsmaterialen
voor het hydraulische programma.
De elastomeren worden door het basispolymeer onderscheiden en volgens DIN ISO
1629 en ASTM D 1418 omschreven, bijv. NBR voor acrylnitril-butadieen-rubber en
FKM voor fluorrubber. De compound ontstaat door het mengen van basispolymeer met
passende
vulstoffen, weekmakers, vulkaniseringsmiddelen, versnellers en andere
toevoegingen. Dit procédé maakt het mogelijk om de gewenste
materiaaleigenschappen te krijgen en hierdoor standaardmaterialen met een breed
toepassingsgebied als ook bijzondere compounds voor heel speciale hydraulische
toepassingen aan te bieden. Toepassing van een gelijk blijvende compound
garandeert constant goede materiaaleigenschappen van een dichting. De druk- en
extrusiebestendigheid van een dichting wordt zowel door het dichtingsprofiel als
ook door het materiaal en de hardheid van het materiaal gedefinieerd.
Thermoplasten, canvas en hardweefsel zijn in vergelijking met elastomeren zeer
hard (Shore D ) en hebben geen of slechts geringe elastische eigenschappen.
Daarom vermelden wij voor deze materialen geen gegevens m.b.t. de hardheid.
NBR - acrylnitril-butadieen-rubber
NBR wordt in de hydrauliekbranche vaak toegepast wegens zijn goede mechanische
eigenschappen en het feit dat ze bestand zijn tegen smeeroliën en vetten op
basis van minerale olie. Deze eigenschappen worden in belangrijke mate bepaald
door het
acrylnitril- gehalte (ACN tussen 18 % en 50 %). Een laag ACN-gehalte leidt tot
een goede flexibiliteit bij lage temperaturen maar een beperkte resistentie
tegen oliën en motorbrandstoffen; bij toenemend ACN-gehalte neemt de
koudeflexibiliteit af en de resistentie tegen olie en motorbrandstof toe.
Het hydraulische standaardmateriaal van Dichtomatik voor NBR heeft een gemiddeld
ACN-gehalte, om met uitgebalanceerde eigenschappen in een brede behoefte te
kunnen voorzien. Hij heeft goede mechanisch-technologische parameters, bijv. een
hoge slijtagevastheid, laat weinig gas door en is zeer goed bestand tegen
smeerolie en vetten op basis van minerale olie, hydraulische oliën H, HL, HLP,
moeilijk ontvlambare vloeistoffen HFA, HFB, HFC, alifatische koolwaterstoffen,
silicone oliën en vetten en water tot ca. 80°C.
Daarentegen is NBR over het algemeen niet bestand tegen aromatische en
gechloreerde koolwaterstoffen, motorbrandstoffen met een hoog aromatengehalte,
polaire oplosmiddelen, remvloeistoffen op glycolbasis en moeilijk ontvlambare
vloeistoffen HFD. NBR is weinig ozon- weers- en verouderingsbestendig. In de
meeste hydraulische toepassingen heeft dat geen gevolgen, omdat de hydraulische
dichtingen in de hydraulische componenten worden gebruikt.
TPU – thermoplastisch polyurethaan
TPU-materialen behoren tot de groep van de thermoplastische elastomeren (TPE's).
De kracht van TPU schuilt in de combinatie van zijn goede eigenschappen, zowel
van de fysische en chemische, als ook montagetechnische en commerciële. TPU
wordt standaard in thermoplastische spuitgietmachines geproduceerd en heeft zich
al vele jaren in de dichtingstechniek bewezen, vooral bij hydraulische
toepassingen.
TPU-materialen steken gunstig af bij de klassieke elastomeren door hun duidelijk
hogere mechanische bestendigheid. Verdere
uitstekende materiaaleigenschappen zijn een hoge slijtagevastheid,
extrusiebestendigheid en grote drukbestendigheid . Ook zijn ze bestand tegen
verder scheuren. Het TPU-materiaal heeft een goede flexibiliteit (ondanks het
feit dat het materiaal stugger is) bij temperaturen van - 40°C tot +100°C en is
zeer verouderings- en ozonbestendig. TPU is goed toe te passen in minerale oliën
en vetten, hydraulische oliën H, HL, HLP, silicone oliën en vetten, moeilijk
ontvlambare vloeistoffen HFA en HFB en water tot 50°C als ook zuivere
alifatische koolwaterstoffen.
PTFE - polytetrafluorethyleen
PTFE is een gefluoreerde kunststof. PTFE heeft een groot aantal positieve
eigenschappen, die in de afdichtingstechniek onmisbaar zijn geworden. Het
onderscheidt zich door zijn bijna universele
resistentie tegen chemicaliën, toepasbaarheid bij temperaturen van -100°C tot
+250°C en een uiterst geringe wrijving . Het resultaat hiervan zijn zeer goede
glijeigenschappen, geen stick-slip-effect, bijzondere stevigheid en een bijna
onbegrensde ozon-, weers- en verouderingsbestendigheid. Bijna geen bekende
hydraulische media, smeerstoffen, chemicaliën en oplosmiddelen hebben vat op
PTFE.
Alleen elementaire fluor en alkalimetalen tasten het bij hoge temperaturen en
druk aan. Zuiver PTFE bevat geen extraheerbare stoffen, die “uitvloeien” en een
ongunstige invloed zouden kunnen hebben op aangrenzende materialen. Het kan
daarom fysiologisch geen kwaad en is ook voor levensmiddelen, op farmaceutisch
en medisch gebied uitermate geschikt. PTFE is niet ontvlambaar en vormt dus geen
extra gevaar in geval van brand.
PTFE is niet of slechts weinig elastisch. Daarom worden PTFE-dichtelementen
geactiveerd door elastische voorspannngselementen in de vorm van O-ringen of
edelstalen veren. Maar ook PTFE heeft
bepaalde nadelen zoals bijv. de neiging tot koudvloeien “wegkruipen” van het
zuivere PTFE onder druk. Deze zwakke punten worden echter bij de
dichtingscompounds door het toevoegen van vulstoffen gecompenseerd. Vulstoffen,
b.v. met brons gevulde compounds geven het PFTE het vermogen, om zich aan de
meeste toepassingsmogelijkheden aan te passen.
HG – hardweefsel
Bijvoorbeeld kunstvezelweefsel + fenolhars, katoenweefsel + fenolhars of
polyesterweefsel + polyesterhars. HG-materialen worden gekozen voor hydraulische
toepassingen met hoge belastingen en zijwaartse krachten. Door de keuze van de
optimale materiaalcombinatie (weefsel/hars) worden een lange levensduur en een
geringe wrijving bereikt . Tevens is de materiaalcombinatie zeer goed bestand
tegen druk en zeer solide. Het Dichtomatik standaardmateriaal laat in water geen
zwelling zien, het opnemen van water is niet meetbaar.
NBR F - Canvas
Als basis voor canvas kunnen katoen- of kunstvezelweefsel worden gebruikt.
Standaard wordt bij Dichtomatik voor hydraulische dichtingen katoenweefsel
gebruikt. Niet standaard staat een hele reeks van andere weefselsoorten en bijna
alle elastomeren voor het impregneren ter beschikking. Het weefsel wordt voor de
fabricage van hydraulische dichtingen met een NBR-elastomeeroplossing
geïmpregneerd. Later worden passende afmetingen uit het geïmpregneerde vel
gesneden en voor verdere verwerking opgerold en aansluitend in
vulkaniseringspersen onder invloed van temperatuur en tijd tot een hydraulische
dichting gevulkaniseerd. Hydraulische dichtingen worden of volledig van canvas
gefabriceerd of er worden segmenten van de elastomeren dichting van weefsel
voorzien, bijv. het loopvlak of de drukloze kant, om een betere bescherming
tegen spleetextrusie te bereiken. De zogenaamde meercomponentendichting kan
gefabriceerd worden door vulkanisering van zuiver elastomeer.
De voordelen van geïmpregneerde hydraulische dichtingen van canvas zijn talrijk.
Ze zijn erg slijtvast, bezitten goede wrijf- en glijeigenschappen (door de
smeermiddelen die zich in het canvas bevinden), zijn bestand tegen
koudetemeperatuur en extrusie. Bovendien zijn dichtingen van canvas erg vormvast
en vertonen zij nauwelijks zwellingen in hydraulische media. Ze zijn op grond
van hun robuuste bouwwijze en materiaalcombinatie uitermate geschikt voor zware
toepassingen, bijvoorbeeld in de mobiele hydrauliek en/of zware hydrauliek.
Materiaalsleutel Voorbeelden voor de bestelsleutel
Materiaasleutels
De dichtingsprofielen KPOR 30, KPOR 31, SPOR 30, SPOR 31 en KPUOR 70
worden met een O-ring voorgespannen.

Standaard worden deze dichtingen met een NBR-O-ring geleverd. Wenst u een ander
materiaal geleverd te krijgen, dan verzoeken wij u bij de bestelling de volgende
sleutelnummers te vermelden.
De dichtingsprofielen KNA 44 en SNI 43
worden
standaard met een roestvrij stalen veer geleverd. Mocht u veren van Elgiloy®
wensen te ontvangen, dan verzoeken wij u, bij de bestelling het volgende
sleutelnummer te vermelden: Elgiloy® 1081.
|